Te hard rijden buiten de bebouwde kom is minder gevaarlijk


Snelheidsovertredingen buiten de bebouwde kom zijn minder riskant dan daarbinnen. Althans, dat ervaart de doorsnee automobilist, zo blijkt uit het twee jaarlijks regionaal verkeersveiligheidsonderzoek van de Adviesdienst Verkeer en Vervoer van het ministerie van Verkeer en Waterstaat. Zo'n zestig procent van de automobilisten zegt buiten de bebouwde te hard te rijden. Binnen de bebouwde kom is dit 40 procent.


Veiligheid is op gemeentewegen de belangrijkste reden om gas te minderen. Pas daarna komt het argument dat te hard rijden gewoon niet mag. Buiten de bebouwde kom speelt de veiligheid een minder grote rol. Houdt men zich aan de maxima, dan is dat voornamelijk omdat men geen boete wil of omdat men zich nu eenmaal aan de wettelijke verplichting wil houden.


In het zogeheten PROV-onderzoek, dit keer over het jaar 2001, vulden ruim tienduizend Nederlanders vragenlijsten in over ongevallen, bekeuringen, snelheden, alcohol- en drugsgebruik, agressie, telefoneren, gordel- en helmgebruik en het gedrag van tweewielers.


Ook het draagvlak voor huidige of aanstaande verkeersmaatregelen wordt getoetst. Zo zijn rotondes populair, maar drempels en plateaus daarentegen vinden een meerderheid tegen zich, evenals de 60 km/uur-gebieden buiten de bebouwde kom. De meeste weggebruikers zijn ook tegen een valhelmplicht voor fietsers, een hogere minimumleeftijd om brommer, auto of motor te mogen rijden en een snelheidsbegrenzer in de auto. Alles wat de vrijheid inbindt, kan rekenen op tegenstand.



Voorlichting en onderwijs doen geen pijn en krijgen meer steun.
Te hard rijden op de snelweg is volgens veel autorijders niet zo'n veiligheidsprobleem. Ook het niet dragen van de gordel achterin en het handsfree bellen is volgens de meesten niet zo riskant. Bijna één op de drie ondervraagden, automobilisten voorop, kreeg in het onderzoeksjaar een bon. Rond de acht procent van de autorijders zegt wel eens met een slok alcohol achter het stuur te kruipen. De helft rijdt wel eens met medicijnen op, meestal eenvoudige pijnstillers. Eén op de drie automobilisten heeft vaak of regelmatig te maken met bumperkleven. Snijden en lichtknipperen komen minder voor. Ongeveer een kwart zegt zich zelf wel eens aan bumperkleven schuldig te maken. Een goed verzorgd kapsel kan de verkeersveiligheid nog altijd schaden. 14 Procent van de bromfietsers maakt de helm niet of hooguit losjes vast. Vier procent zegt de valhelm nooit te dragen en een kwart niet altijd.



Ongevallen


De onderregistratie op het gebied van verkeersonveiligheid is nog steeds immens. Politie en ziekenhuizen registreren 113 000 letselongevallen per jaar, doorberekening van de PROV-cijfers komt uit 680 000. Eén op de 25 Nederlanders is jaarlijks bij een letselongeval betrokken, één op de 13 bij een ongeval met materiële schade. Vrouwen maken als automobilist meer brokken dan mannen, maar waarschijnlijk zijn ze vooral oververtegenwoordigd in de lichte categorie.

Bron:  Verkeerskunde